Contact opnemen? Bel 010-2203402 of stuur een mail naar secretariaat@rottesmannenkoor.nl close ×
+

Nieuwjaarsreceptie

door Wim de Rooij

Rotte’s Mannenkoor was er dit jaar vroeg bij, want al op de tweede dag van het nieuwe jaar was de jaarlijkse nieuwjaarsreceptie. Veel zangers waren, al dan niet vergezeld door hun partner, naar de receptie gekomen. De opzet van de receptie is altijd een gezamenlijk begin van het nieuwe jaar, waarin ook de plannen voor dat jaar uiteengevouwen worden.

Dit jaar was het niet anders, alhoewel er toch wel een bijzonder moment was. Er werd afscheid genomen van Hennie-Kees Rekers. De eerste tenor gaat ons land verlaten en zich vestigen in Engeland, het land waar zijn vrouw Heather vandaan komt. Door voorzitter Wim de Rooij werd Hennie-Kees bedankt en kreeg hij, naast een bos bloemen, de speld van het Rotte’s Mannenkoor opgeprikt. Het vertrek van Hennie-Kees betekent wel een aderlating voor de eerste tenoren van het koor, die toch al niet zo ruim bedeeld zijn. Door een interne verschuiving moeten de eerste tenoren weer op peil worden gebracht. Hennie-Kees Rekers bedankte de koorleden voor de tien jaren zanggenot en gaf aan graag behulpzaam te willen zijn bij een eerstvolgende concertreis naar Engeland.

Koorkwaliteit

Door voorzitter Wim de Rooij werd teruggekeken op het afgelopen jaar, maar vooral vooruitgekeken naar het komende jaar. De afgelopen twee jaar heeft het koor kwalitatief flinke stappen vooruit gedaan, maar ook het komende jaar zal weer aan die kwaliteit gewerkt worden. Daarvoor is een ambitieus programma opgesteld, waarin de samenwerking met het Dordtse mannenkoor weer KNA een belangrijke plaats inneemt. Vanaf deze maand wordt begonnen met het instuderen van enkele nieuwe stukken, die tijdens twee en wellicht drie concerten in mei ten gehore gebracht zullen worden. Daarnaast zal het koor ook miniconcerten geven op verschillende en nog nader te bepalen locaties in Rotterdam. Het officiële gedeelte werd afgesloten met de eerste loterij van het jaar en met een record aan prijzen werden veel loten verkocht. Daarna was het nog een gezellig samenzijn.

Share : facebooktwitter

Jubileum Eric Hans van Wingerden

door Wim de Rooij

Tijdens de nieuwjaarsreceptie is Eric Hans van Wingerden in het zonnetje gezet vanwege zijn 25-jarig lidmaatschap van Rotte’s Mannenkoor. Door voorzitter Koos van Herk van de KNZV werd hem een speld opgeprikt en een oorkonde uitgereikt. Van Herk keek nog even terug op de zangcarrière van Eric Hans, die naast voorzitter ook koorleider was en nog steeds de webmaster is. Bijzonder is wel dat juist Eric Hans van Wingerden vorige maand besloten heeft even afstand van het koor te nemen. Hij heeft dit besluit na de uitreiking aan de koorleden toegelicht. Eric Hans blijft wel lid van Rotte’s Mannenkoor en zal ook zijn rol als webmaster blijven vervullen. En het is niet uitgesloten dat hij op termijn weer als zanger zal terugkeren. De tijd zal het leren en hij zal weer van harte welkom zijn.

Share : facebooktwitter

Kerstconcert op IJsselmonde

door Theo Zijlstra

En daar stond ons Rotte’s Mannenkoor voor de tweede keer ‘op Zuid’ op het podium. Het was voor veel koorleden en ook voor de dirigent een eerste kennismaking met de Adriaen Janszkerk in het hart van het oude dorp IJsselmonde. Men kende de kerk vaak wel, omdat die met zijn torenspits vanaf de van Brienenoordbrug niet over het hoofd te zien is. De kennismaking beviel, al was het maar vanwege de goede akoestiek in de kerkruimte. Veel koorleden zeiden in de pauze al, dat ze voor hun gevoel heel gemakkelijk hadden gezongen. Beide koren waren ook helemaal achterin de kerk heel goed te horen. Dat was voor de toehoorders natuurlijk wel zo prettig. En voor de koren was het prettig, dat de kerk redelijk met publiek gevuld was.

Het eigen deel van het programma kwam niet uit Markus of Lucas, maar uit het programma van ons Najaarsconcert, de Poolse soldatenliederen uitgezonderd. ‘Izje Cheruvimy’ werd weer uit het hoofd gezongen en de Estische liederen gingen nog beter dan eerder in de Breepleinkerk bij het Najaarsconcert. Het op het laatst toegevoegde ‘Stille Nacht, heilige Nacht’ werd gezongen door een kwartet uit het koor voor het eerste couplet en verder door het koor als geheel. De canon ‘Dona Nobis Pacem’ voor de pauze, gezongen door beide koren, werd door onze dirigent Hans van der Toorn gelukkig niet zolang aangehouden, dat iedereen er doodmoe en doodziek van zou kunnen worden, zoals boven de partituur geschreven was. Bij een canon staat het einde nu eenmaal niet spijkervast. Het aan het einde van het concert door onze dirigent gedirigeerde ‘Hark the Herald Angels Sing’ van Felix Mendelssohn, waarbij in het laatste couplet behalve beide koren ook iedereen mocht meezingen en meespelen, beëindigde het concert op waardige wijze.

Animato

Het eigen deel van het concert van ‘Vocaal Ensemble Animato’ draaide hoofdzakelijk om Maria en het Kindeke Jezus. Op vielen hier een ‘Ave Maria’ van Stravinsky Mariahymnes van Pärt en Rachmaninov. Animato durfde een ambitieus programma duidelijk aan. Gemengde koren worstelen altijd met de bezetting van de mannenstemmen. Ook in dit koor van kamerkooromvang was dit duidelijk. Onder leiding van hun Letse dirigent Sanda Audere presteerde Animato naar vermogen naar behoren. Hun dirigent bleek ook nog over een prachtige stem te beschikken. Het is dan ook niet verwonderlijk, dat ze bij Animato vertrekt in het kader van de uitbouw van haar loopbaan als zangeres.

Ons koor maakte ook kennis met organist Wouter van der Wilt, die ons koor begeleidde in ‘Landerkennung’. Zelf soleerde hij op het orgel in een stuk van zijn leermeester Bram Beekman, eigenlijk een genoteerde variatie op het thema ‘I wish you a Merry Christmas’. Fluitist Anne van Rijs speelde een ‘Sarabande’ van Johann Sebastian Bach en Michiel Sonius speelde een ‘Berceuse’ van Chopin. Het verhaal ‘De Harpspeler’ werd op zichzelf goed verteld door Stella Speksnijder, maar was op sommige momenten niet overal goed te horen. En toen, op het einde van de avond, bedekte onverwacht nog een witte deken tijdelijk het half stedelijke landschap.

Share : facebooktwitter

Een volle korenmiddag

door Theo Zijlstra

Het was gezellig druk in de foyer van ’t Kapelletje, een leuk klein theatertje tussen Schiekade en van der Sluysstraat. Voor een aantal leden van ons koor was het de eerste kennismaking met dit toch al jaren in bedrijf zijnde theater. Het idee om vier deelnemende koren zich aan elkaar te laten presenteren onder het motto ‘High Tea met Hoge Noten’ zou heel geslaagd blijken.

De door de koren en hun introducés meegebrachte hapjes bleken ruim voldoende voor de hele middag en de zaal om in te zingen bleek ook nog over een behoorlijk goede akoestiek te beschikken. Het voordeel van een goede akoestiek is, dat het prettig zingt aan de ene kant, maar een betrekkelijk nadeel, dat je ook alles hoort aan de andere kant.

“After Eight”, een kamerkoor, bestaande uit 8 vrouwen en 5 mannen moest het spits afbijten. Zij deden duidelijk hun best. Het probleem voor gemengde koren, dat mannen per definitie in de minderheid zijn ten opzichte van de vrouwen, bleek ook in de uitvoering van een redelijk ambitieus programma. Bij zo’n klein aantal luistert het evenwicht tussen en binnen de stemgroepen altijd heel nauw. Dat geldt zeker, als je een lied van Rameau zingt.

Het ‘Stadhuiskoor Rotterdam” had als gemengd koor hetzelfde probleem als “After Eight”. Je moet bij het luisteren naar een koor natuurlijk incalculeren, dat een dirigent moet werken met het beschikbare stemmenmateriaal. Met het beschikbare stemmenmateriaal klonk het koor heel redelijk.

Na een geanimeerde pauze was het de beurt aan ons “Rotte’s Mannenkoor”. De acht te zingen liederen werden keurig a capella gebracht. ’Izje Cheruvimy’ werd zelfs helemaal uit het hoofd gezongen. Het geluid van ons koor vulde de hele ruimte. Na de twee traditionals ‘Home on the Range’ en ‘My Old Kentucky Home’ en de twee Poolse soldatenliederen ‘A w Warszawie’ en ‘Jam Kalinkę Łamała’ klonken ‘Izje Cheruvimy’ en ‘Otsje Nasj’ prachtig sonoor. Besloten werd met de twee Schubertliederen ‘Die Nacht’ en ‘Der Lindenbaum’. Onze dirigent kondigde op een losse en informele manier ons programma aan.

Van twee dames van een van de kamerkoren viel te horen, dat zij jaloers waren op onze bassen.

Het Erasmus Studentenkoor “ESK Schoon” sloot de rij van zich presenterende koren. De drieëntwintig jonge vrouwen brachten een heel ander repertoire van liederen uit het Popsongrepertoire, prima gearrangeerd. Zij eindigden met een potpourri van nummers van ABBA. Zij zongen met duidelijk plezier alles uit het hoofd, de changementen in de opstelling gingen moeiteloos, en de bewegingen grotendeels heel goed.

Na afloop van het concert werd door de dirigent van “ESK Schoon” nog het hele publiek aan het zingen gezet. Dat ging ook moeiteloos want iedere aanwezige was in een goede stemming.

Van onze koorleden viel te horen, dat zij het een leuke middag gevonden hadden, en dat was het ook. Het was natuurlijk ook een leerzame middag. Als koor ben je, normaal gesproken, zelf de uitvoerende partij. Nu hoorde je eens drie andere en heel verschillende koren.

Share : facebooktwitter

Najaarsconcert Rottes Mannenkoor

ROTTERDAM – In haar Najaarsconcert op zaterdag 10 november a.s. maakt de Koninklijke Zangvereeniging Rotte’s Mannenkoor zingend een reis langs de kusten van de Oostzee. In het bijzonder Polen en Estland doet zij daarbij aan. Alle liederen worden zo goed als mogelijk in de oorspronkelijke taal gezongen.

Tot het te zingen Poolse repertoire behoren zes traditionele soldatenliederen en ‘Gaude Mater Polonia’.  De soldatenliederen, inventief en prachtig op muziek gezet door Witold Lutosławski, worden met overgave gezongen. Of het nu gaat over het prachtige uniform, vervaardigd in het eerste huis in Warschau (‘Aw Warszawie’), ‘Małgorzatka’ (Margrietje) of over het zonnetje, dat toch weer schijnt (‘Zachodzi słoneczko’). Ze worden alle met enthousiasme gezongen. Dat geldt ook voor ‘Taaveti laul, nr.137’ (Davids Psalm) van Cyrillus Kreek, ‘Teomehe-laul’ (het lied van de lijfeigene) van Veljo Tormis en ‘Soov’ (een wens) van Ester Mägi. Deze laatste drie vormen het Estische repertoire. Een Russisch Onze Vader en een overbekend ‘Finlandia’ in het Fins zijn echt stukken, die een echt mannenkoor graag zingt.

Voor zover nodig wordt het koor begeleid op de piano door Cleem Determeijer, die solistisch ook drie preludes van Skrjabin speelt en een nocturne van Chopin. Het duo Caecilia Boschman (piano) en Karin Dolman (altviool) zal onder andere schitteren in Spiegel im Spiegel van Arvo Pärt.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Karin Dolman (links) en Caecilia Boschman

Naast het bovengenoemde staat ook als ijzeren mannenkoorrepertoire ‘Landerkennung’ van Edvard Grieg op het programma. U ziet, dat het programma ruimschoots de moeite waard is om richting Rotterdam-Zuid te gaan.

Het concert in de Breepleinkerk, Van Malsenstraat 104 (hoek Randweg en Breeweg) in Rotterdam begint om 20.00 uur. De kaarten kosten € 15,00 en € 10,00 voor donateurs en Rotterdampashouders en zijn tevens goed voor de consumptie in de pauze. U kunt reserveren via deze pagina: https://www.rottesmannenkoor.nl/kaarten-bestellen/ en 010-2203402/0630799808.

Share : facebooktwitter

Concertreis naar Trier

door Theo Zijlstra

En op donderdagochtend 31 mei was het dan zo ver. Het gezelschap van onze Koninklijke Zangvereeniging stapte bij metrostation Capelsebrug in de bus en vertrok opgewekt richting Trier. Sommige zaken kun je niet plannen. Vier ongelukken in de buurt van Antwerpen zorgden ervoor, dat de chauffeur van de bus een andere route ging volgen. Hij trakteerde ons op een toeristische route door het Vlaamse land. Toch kwamen wij ook hier in een file terecht. Dit betekende dat wij ruim twee uur te laat op ons lunchadres in Trier zouden arriveren. Het tastte het humeur van het gezelschap gelukkig niet aan.

Een tussenstop werd gemaakt in de omgeving van Luik en daarna ging het richting Trier. Het weer leek ook steeds beter te worden naarmate wij dichter bij Trier kwamen. Inmiddels hadden wij wel moeten besluiten om na de late lunch meteen door te gaan naar het overdekte openluchtpodium am Brunnenhof bij de Porta Nigra en daarna pas in het hotel in te checken. De lunch in Kartoffelkiste om 15.30 uur werd razendsnel geserveerd en de drankjes werden even snel afgerekend, zodat wij tijdig bij de Porta Nigra arriveerden. Gelukkig was afgesproken, dat wij ons programma casual gekleed zouden brengen. Onze voorzitter verordonneerde evenwel, dat korte broeken te casual waren en vervangen dienden te worden. Dat gebeurde zeer snel in en naast de bus.

A capella
De Brunnenhof naast de Porta Nigra is eigenlijk de oorspronkelijke kloostergang van het  voormalige klooster van de heilige Simeon. Dit klooster zat in feite aan de Porta Nigra vast en is nu museum. In deze prettige en toch nog enigszins gewijde omgeving viel het de mannen licht om het concert, geheel a capella, aan een publiek te presenteren, dat gedeeltelijk op houten banken en gedeeltelijk op een afgeladen vol terras van café Brunnenhof zat. Voor publiek zingen is altijd fijn. De heer Rother van de VVV kondigde de nummers aan. Hij was zeer te spreken over ons programma.

Om 18.00 uur gingen we dan naar ons hotel aan de Moezel. Hotel Constantin bleek een mooi panoramaterras te hebben, dat uitzicht bood op de Moezel en mooi gestoffeerde hellingen aan de overkant. Helemaal boven bleek een kapelletje te staan, dat ’s avonds toch wel enigszins feeëriek verlicht werd. Men had dit terras snel ontdekt en ook de rest van ons verblijf in hotel Constantin werd het druk en naar tevredenheid gebruikt. Het eten in het hotel bleek niet alleen de eerste avond maar ook de volgende twee avonden uitstekend te smaken. Er werd op de laatste avond dan ook terecht een zanghulde aan de kokkin en haar keukenbrigade gebracht. We zijn niet voor niets een koor. Trouwens, ook het ontbijt bleek in orde.

Kartoffelsalat mit Bockwurst
Op vrijdag 1 juni maakten we in de ochtend een excursie langs een prachtige route naar het schilderachtige Bernkastel Kues. Deze excursie werd afgesloten met een typisch Duitse lunch (Kartoffelsalat mit Bockwurst) op een boot op de Moezel. Voor sommigen was er gelukkig ook voorzien in brood met kaas. Daarna ging het terug naar Trier. De chauffeur zette het gezelschap af bij de Porta Nigra. Hier werd men ook weer opgehaald. Men had een ‘vrije’ middag in de schitterende oudste stad van Duitsland. Een regenbui werd door een aantal mensen uitgezeten met een glas wijn in een van de vele cafés en restaurants.

Ook op de zaterdagmorgen van 2 juni was men vrij om te gaan en staan waar men wilde. Nu kon men zich laten afzetten bij de Kaiserthermen, oude Romeinse badhuizen, nu in museumvorm aan het publiek aangeboden. Vanaf hier kon men in een rechte lijn door het keurvorstelijke park lopen in de richting van de rococovoorgevel van het keurvorstelijk paleis en de daarnaast gelegen Basilica van Constantijn. Dit was in 306 de grootste overdekte verwarmde ruimte van Europa. Keizer Constantijn hield kennelijk niet van koude in zijn ontvangstruimte. Trier was tot 324 na Christus zijn residentie. Daarvoor was het al enige tientallen jaren een van de vier hoofdsteden van het Romeinse Rijk. Vanaf de Basilica was het even oversteken en een hoek om en daar stonden dan naast elkaar de oudste bisschopskerk van Duitsland, de dom, en de oudste Gotische kerk van Duitsland, de basiliek van Onze Lieve Vrouw, gebouwd in de vorm van een roos met twaalf bladeren. Dat laatste zie je pas duidelijk, als je in de basiliek bent. De roos was het symbool van Maria.  De dom, waarvan het oudste gedeelte uit de vierde eeuw stamt, bezit als belangrijkste relikwie het opperkleed van Christus, waarover de soldaten onder het kruis de dobbelsteen geworpen hadden, omdat ze het weefsel niet wilden verdelen. Deze relikwie is ondergebracht in een aparte kapel. Hij zou via de moeder van Constantijn, Helena, in het Westen terechtgekomen zijn en tenslotte in Trier. Tegenover de dom loop je een straatje in en kom je op de Grote Markt uit en kijkend naar rechts zie je de Porta Nigra al weer oprijzen. Misschien minder belangrijk om te vermelden: Trier is ook de oudste wijnstad van Duitsland!

In de middag weer een prachtige rit, volop in de zon, naar de abdij Himmerod, in het dal van de Salm. Na het uitstappen uit de bus was het afdalen geblazen naar de barokke kerk van de abdij, waar ons koor zou concerteren. Men vroeg zich bij het binnengaan van de kerk wel af, of er, gezien de buitengewoon schaars bevolkte omgeving, wel toeschouwers zouden zijn. Dat bleek wel degelijk het geval. In de omgeving is men gewend, dat op zaterdagmiddag om 16.00 uur er meestal een concert is. Terwijl de koorleden repeteerden, ging de aanhang op een van de terrassen in de naaste omgeving wat drinken. Het concert duurde ongeveer vijf kwartier. Onze organist Anton Doornhein had geen enkele moeite met het orgel, dat gedeeltelijk in restauratie was. Het enige jammere was, dat er een behoorlijke nagalm in de kerk zat. Dat speelde vooral in de snellere delen van ons programma. Het publiek in de kerk was daar kennelijk aan gewend. Aan applaus was er dan ook geen gebrek. De heer Valerius, die ons daar ontving, zei ook dat die nagalm bij ieder koor een probleem vormde, omdat je als gastkoor daar natuurlijk maar een keer zingt. Als je er vaker zou zingen, dan kun je je er bij repetities op instellen. Na afloop van het concert werd er op een van de terrassen nog een drankje gebruikt. De hele omgeving straalde rust en stilte uit.

De volgende ochtend op zondag 3 juni werden eerst de koffers gepakt en in de bus geladen. Daarna gingen de mannen te voet naar een van de oude kerken in de binnenstad van Trier om met het zingen van de mis van Gounod, nr.2 in G voor mannenkoor en orgel, de zondagsviering op te luisteren. Hier waren we om 10.00 uur welkom. Cantor en organist Christian Braun ontving ons hier. Onze organist Anton Doornhein snelde bijna richting orgel. Hij had een boekje ontvangen over de orgels, die in deze Sint-Antonius uit 1514 gestaan hadden. Van het huidige orgel had hij de opbouw thuis al kunnen bestuderen. Hij zou aan het einde van de viering dan ook alles uit de kast halen. Hij werd hier met een daverend applaus en complimenten van twee andere organisten voor bedankt. Het geluid in de kerk was prima. Ook onze dirigent Hans van der Toorn was hier uitermate over te spreken. Ook de opstelling van het koor was hier ideaal. Zij stonden tegenover dirigent en organist. De communicatie was perfect. Het koor zong vanzelf ook uitstekend.

Het is altijd fijn, als het laatste optreden het beste is. Maar ja, ook aan een koorreis komt een einde. Terug naar het hotel, de koorkleding verwisselen voor de gewone kleding en dan terug met de bus richting Nederland. In prachtig weer, en met een tussenstop, reden we voor een smaakvol slotdiner naar restaurant De Ruyterhof in Rijsbergen. Vervolgens was het nog een klein uur rijden naar metrostation Capelsebrug. Ik hoorde nog deze week een meegereisde partner verzuchten, dat zij zo wel weer naar Trier zou willen.

Share : facebooktwitter

1 2